Kyoto: de mooiste stad van Azië?
Kyoto (Japan), 15 september 2010

“Kyoto is een stad van geheimen. Duizenden geheimen. Verborgen achteer oude muren en in smalle steegjes. Ontelbare plekjes van ongelofelijke schoonheid die zich vertonen aan degene die bereid is om ze te zien en te ontdekken.” Als deze inleiding van de Kyoto Lonely Planet je niet warm maakt voor een bezoekje aan deze Japanse stad, wat dan wel? We hebben vijf volle dagen uitgetrokken voor de bezichtiging van Kyoto; de stad die volgens vele reisboeken de mooiste stad van Azië is. Kyoto is een stad die veelal gespaard is gebleven tijdens de tweede wereldoorlog. De Amerikanen stellen dat ze bewust het culturele Japanse erfgoed wilden sparen, terwijl anderen het zien als een gelukkige speling van het lot. Hoe het ook zij, Kyoto is de plek van Japan om oude tempels nog in volle glorie te zien.

Ivonne aan de sushi met vooral veel rauwe vis
 

Vele kilometers slenteren we dagelijks door de stad. Kyoto is een stad die zich graag te voet laat verkennen. De hoge dichtheid van tempels en paleizen zorgt ervoor dat er altijd wel een bezienswaardigheid in de buurt is. De meeste bouwwerken zijn open voor publiek; soms gratis en soms tegen een forse entreeprijs. Wij beperken ons hier voornamelijk tot de gratis bezienswaardigheden en selecteren enkel de bijzondere attracties uit waar je voor moet betalen. Deze vallen wat ons betreft wat tegen. Gebouwen zijn minutieus gerestaureerd en het grote aantal binnen- en buitenlandse toeristen zorgt ervoor dat tempels meer weg hebben van een museum dan van een plaats die nog echt dienst doet als tempel. Het Gouden Paviljoen is wat ons betreft Kyoto’s top toeristenval. We schuifelen met een grote groep mensen door de toegangspoort. Het is 09:30 uur op een dinsdagochtend en de poorten zijn nog maar een half uur open, maar toch is het al erg druk. Van een spanningsopbouw tijdens het bezoek, waar eerst enkele opwarmertjes worden getoond om te eindigen met het ultieme hoogtepunt, is geen sprake. Het beeld vanuit de toegangspoort is direct gericht op het Gouden Paviljoen dat in een net gemanicuurde vijver staat te blinken. We schuifelen verder naar het hekje om een foto te maken en wandelen verder met onze lotgenoten over het eenrichtingspad. Al gauw leidt het pad ons een heuveltje op en kunnen we nog een schuine blik op het paviljoen werpen voordat het pronkstuk uit ons gezichtveld verdwijnt. Er rest ons niets anders dan via de souvenirwinkeltjes naar de uitgang te gaan. Na Mount Fuji is dit paviljoen de belangrijkste toeristische trekpleister van Japan, maar even teruglopen voor een tweede blik kan niet. Door de hordes mensen moet de doorstroming gewaarborgd blijven. Eenrichtingsverkeer is eenrichtingsverkeer!

De veelal rustigere, gratis tempels zijn wat ons betreft prettiger om te bezoeken. Daar kun je nog rustig op een bankje zitten om te bekijken hoe een meisje in een kimono het heilige water uit een tempelbron drinkt. De Japanse dames laten zich in Kyoto nog wel eens zien in een kimono. De stad heeft acties waarbij vrouwen in kimono op bepaalde dagen gratis mogen reizen in het openbaar vervoer. Dat is zo goed aangeslagen dat de kimono nu ook op andere dagen uit de kast wordt gehaald. Het zien van de vrouwen in deze traditionele dracht die zichtbaar trots op hun houten slippertjes rondlopen, is wat ons betreft zeker zo leuk als welke tempel dan ook. We hebben zelfs het geluk gehad om twee geisha’s voorbij te zien schuifelen in hun prachtige kleding en met hun opvallende make-up en haardracht. Dit is best bijzonder, als je bedenkt dat er nog maar 100 geisha’s in Kyoto actief zijn.

Het gouden paviljoen, een 'highlight' van Kyoto
 
Het eten in Kyoto om energie weer aan te vullen, is ook een groot pluspunt van de stad. Als je van de Japanse keuken houdt en gewend bent om de geïnflateerd prijzen te betalen van Japanse restaurants in Europa, dan kun je hier je hart ophalen (al zijn de prijzen voor Aziatische begrippen nog steeds hoog). We hebben de kans dan ook aangegrepen om in het land van z’n oorsprong sushi te eten en locale specialiteiten zoals okonomiyaki (soort pannenkoek) en saké (rijstwijn) te proeven. Om erachter te komen of de Japanse keuken iets voor jou is moet je het zelf proberen, maar de atmosfeer in zo’n restaurant vrijwel zeker in de smaak vallen. Al zittende aan een lange balie kun je zien hoe de chef met grote vaart de gerechten klaarmaakt. De geuren en de kleuren van het eten zijn fantastisch!

Na vijf dagen Kyoto is het voor ons helder. We hebben geen spijt van ons uitstapje naar Kyoto, al was het alleen al omdat we hierdoor een klein beetje een beeld hebben kunnen vormen van hoe het er in Japan aan toe gaat. De Japanners die we hier hebben ontmoet bevestigen het beeld dat we al hadden: een uiterst correct en welgemanierd volk. Men is trots op de rijke historie van hun land en het is mooi en interessant om te zien hoe men dat uitdraagt. In Kyoto zijn veel bouwwerken overeind gebleven waar deze rijke historie uit blijkt, maar uiteindelijk hebben we niet concluderen dat Kyoto wat ons betreft de mooiste stad van Azië is. Sterker nog, de stad komt niet in onze voorlopige top vijf voor (Phnom Penh, Hanoi, Bangkok, Kuala Lumpur en Kathmandu) Daarvoor is de stad te modern en hangt er te weinig sfeer. Natuurlijk zijn de tempels en paleizen van Kyoto mooi, maar het zijn slechts juweeltjes in een betonnen jungle. De dampende, levendige sfeer die we in een Aziatische stad willen proeven is hier niet echt aanwezig. Dat wil niet zeggen dat je niet naar Kyoto moet gaan als je in de buurt bent, maar als je overweegt voor een citytrip naar Azië te vliegen, dan zou onze voorkeur naar een andere stad gaan.

copyright - Babakoto.eu / 2010